| Afbeelding(en) | ||
|
|
|
Start: 1999
Voltooiing: 2009
Betrokken partijen
Stadsdeel Oost/Watergraafsmeer
Ymere
AWV
Eigen Haard
De Transvaalbuurt in stadsdeel Oost-Watergraafsmeer is samen met de Indische Buurt, in stadsdeel Zeeburg, als één wijk op de lijst van 40 wijken van minister Vogelaar beland. In veel opzichten is de Transvaalbuurt al een prachtbuurt. Zij kent een gewaardeerde architectuur en een heldere stedenbouwkundige opbouw. De hand van Berlage is er goed leesbaar. Gedurende de stads- en stedelijke vernieuwing is er daarom voor gekozen nauwelijks te slopen. Maar niet alles is prachtig in de Transvaalbuurt. In de Transvaalbuurt kampen veel gezinnen met een multi-problematiek van opvoedingsproblemen, werkloosheid, taalproblemen en schulden.
Wijkbeschrijving
De Transvaalbuurt is tussen 1920 en 1940 gebouwd en maakt onderdeel uit van stadsdeel Oost-Watergraafsmeer. De buurt grenst aan de Transvaalkade in het zuiden, de Wibautstraat in het westen, de spoorlijn tussen Amstelstation en Muiderpoortstation in het noorden en de Linnaeusstraat in het oosten.
Woningvoorraad
Berlage, die het stedenbouwkundige plan voor de buurt maakte en woningen ontwierp, heeft een duidelijk stempel op de buurt gedrukt. Veel ruimte voor groen en ander grondgebruik kwam er uiteindelijk niet, met als gevolg dat de woondichtheid hoog is geworden. De binnenterreinen van een deel van de bouwblokken zijn vrij breed en compenseren het gebrek aan groen voor de deur.
Eind jaren zeventig bleek de fundering onder de woningen beter te zijn dan de omliggende buurten. Dit, in combinatie met de waardering voor de Amsterdamse School architectuur en de stedenbouwkundige opzet, zorgde ervoor dat men zoveel mogelijk bebouwing heeft proberen te behouden. In de jaren tachtig kon de stadsvernieuwing vrij snel worden doorgevoerd. Daarbij werd een groot aantal corporatiewoningen op hoog niveau gerenoveerd en kwam op een select aantal plekken nieuwbouw. Ook in het particuliere deel van de woningvoorraad wordt vanaf eind jaren negentig de kwaliteitsachterstand weggewerkt. Hiervoor is een Buurtinvesteringsplan (1999) opgesteld. Hierin is de doelstelling opgenomen om 600 particuliere woningen te verbeteren in 25 jaar. De partijen zijn inmiddels tot de realisatie gekomen dat de totale leefkwaliteit alleen verbeterd, als op meerdere terreinen vernieuwingen plaats vinden. Daarvoor is een Stedelijke Vernieuwingsplan opgesteld, dat begin 2004 door de gemeenteraad is vastgesteld.
Sociale structuur
In de Transvaalbuurt wonen 9.600 bewoners in 4.510 woningen. Hoewel het eigen woningbezit met de bouw van koopwoningen de laatste jaren is gegroeid, is zoals in de meeste aandachtswijken het aandeel sociale woningbouw groot, namelijk 70%. Het gemiddeld aantal mensen per woning ligt hoog (2,13) en dat komt omdat er veel gezinnen met kinderen wonen. In de Transvaalbuurt woont het, op één buurt na, laagste percentage autochtonen van Amsterdam: 35% tegenover gemiddeld 55%. Uit Wonen in Amsterdam 2005 blijkt dat het gemiddelde netto maandinkomen per huishouden € 1.700 is. Dit is vergeleken met het gemiddelde van Amsterdam (€ 2.058) laag.
Veiligheid en delicten
De veiligheidssituatie is de afgelopen jaren verslechterd ten opzichte van het Amsterdams gemiddelde. Het veiligheidsgevoel is echter wel verbeterd. Diefstal is het meest voorkomende delict in de buurt. Het aantal aangiften van diefstal, geweld en vernieling is de afgelopen jaren gestegen. De toename van geweld uit zich ook in een toename van aangiften mishandeling en bedreiging. De buurt scoort een 11e plaats ten opzichte van andere buurten in Amsterdam.
Economie
Door de hoge woondichtheid heeft de economie van het begin af aan nooit veel ruimte gekregen in de Transvaalbuurt. De werkgelegenheid vertoonde wat groei van 1996 tot 2002, maar daarna trad een lichte daling in, die zich sinds 2006 lijkt te herstellen. In 2006 werkten er ruim 750 personen in de buurt. Het aantal uitkeringen in de Transvaalbuurt en de aangrenzende Oosterparkbuurt ligt boven het gemiddelde van Amsterdam. Bijna de helft van de uitkeringen in het stadsdeel wordt in deze twee buurten uitgereikt.
Het winkelarsenaal van de buurt bestaat uit verschillende onderdelen; er zijn winkels aan de Linnaeusstraat en in het oostelijk deel van de Pretoriusstraat. Daarnaast zijn er nog verspreide winkelvestigingen. Het aantal winkels loopt wel terug, met 10% in vergelijking met 6 jaar geleden. Veel bewoners doen hun boodschappen in aangrenzende buurten. Het aantal bedrijven in de buurt is in dezelfde periode wel sterk toegenomen (35%).
Problematiek
Tijdens de stadsvernieuwing in de jaren tachtig hebben woningcorporaties veel woningen op een hoog niveau verbeterd. De fysieke staat van de buurt is daardoor redelijk op peil gebleven. De hoge woning- en bevolkingsdichtheid zorgt wel voor een hoge druk op de leefbaarheid en de openbare ruimte in de buurt. Zo is er bijvoorbeeld te weinig ruimte voor sportplekken voor oudere jeugd en is de parkeerdruk zeer hoog. Verder zijn de woningen veelal klein en gehorig. Toch is de problematiek in de buurt voornamelijk van sociaaleconomische aard. De werkloosheids- en armoedecijfers in de buurt zijn één van de hoogste van Amsterdam. Achter de meeste voordeuren is een opeenstapeling van problemen terug te vinden. Ook de drugsgerelateerde problemen op straat vormen een groot probleem.
Doelstelling
De ambitie van het stadsdeel ten aanzien van de Transvaalbuurt is vastgelegd in verschillende documenten.
In het Stedelijk Vernieuwingsplan Transvaalbuurt (jan 2004) worden de volgende doelstellingen geformuleerd:
• Aanpak eenzijdige woningvoorraad door samenvoeging.
• Een aantrekkelijk woongebied zijn voor alle bevolkingsgroepen.
• Het stimuleren van de wooncarrière.
• Verbeteren van de leefbaarheid.
Hieraan zijn de volgende doelstellingen toegevoegd in het plan Wijkaanpak Amsterdam Oost: Transvaalbuurt (2007):
• Verbeteren van de sociaaleconomische situatie van de huidige bewoners.
• Versterken van regie op leefbaarheid initiatieven.
• Verbeteren van de leefbaarheid door een versterking van de in de buurt aanwezige sociaal-maatschappelijke voorzieningen en de onderlinge samenhang tussen de voorzieningen.
• Versterken van de buurteconomie. Het speerpunt zou hier bij de regie op het verder ontwikkelen van de bedrijvigheid van de Pretoriusstraat en aangrenzende pleinen liggen.
Aanpak
Fysiek
De Transvaalbuurt is begin vorige eeuw gebouwd naar een ontwerp van Berlage. Stedelijke vernieuwing is steeds gericht geweest op behoud van het unieke stedenbouwkundige en architectonische karakter van de buurt. Zowel de stadsvernieuwing, het Buurt Investerings Plan (1999) als het Stedelijke Vernieuwings Plan (2004) hadden behoud en herstel als uitgangspunt. Deze lijn zal worden doorgezet in de Wijkaanpak. Dat betekent dat veranderingen in de woningvoorraad vooral door verkoop, renovatie en samenvoegen gerealiseerd moeten worden. De stedelijke vernieuwing moet meer gedifferentieerde en verbeterde woningen opleveren, waarin de bewoners prettig wonen en waardoor ze ook binnen de buurt naar een betere woning kunnen verhuizen. Ondanks de grote druk op de openbare ruimte kent de buurt ook onverwacht rustige plekken. Deze pleinen zullen als ontmoetingsplek versterkt worden. Het wijkactieplan voegt hier nog aan toe dat de donkere spoorwegonderdoorgangen aangepakt zullen worden en een multifuncioneel centrum zal worden ontwikkeld. De huidige basisscholen in de wijk worden omgevormd tot brede scholen met een sterk buitenschoolse activiteitenaanbod.
Leefbaarheid/ sociaal
De participatie van allochtone bewoners in Transvaal zal de komende jaren versterkt worden. Er zijn al meerdere projecten in gang gezet, maar er is echter onvoldoende coördinatie. Focus van de projecten ligt op dit moment over het algemeen op ontmoeting tussen verschillende bevolkingsgroepen. Nieuwe projecten zullen zich meer focussen op het toekomstperspectief van de bewoners. Verder zal er meer aandacht besteed worden aan betere hulp áchter de voordeur.
Het pedagogisch klimaat en de kansen van kinderen zullen versterkt worden door taallessen van ouders/opvoeders en hen actief te (blijven) betrekken door middel van ouderkamers en andere voorzieningen. Hier ligt een directe relatie met het veiligheidsbeleid, waarin preventieve aandacht voor de groep 8 tot 12 jarigen in de toekomst versterkt wordt.
Veiligheid
De aanwezige sociale controle in de wijk zal versterkt worden door meer samen te werken met het basisonderwijs. Zo kan men vroeg ingrijpen bij zeer jonge overlastgevers. Hier ligt een opgave voor het verder ontwikkelen van de brede scholen in de buurt. Er zal een interventieteam (bijvoorbeeld in de vorm van de vliegende brigade) worden ingezet, dat toezicht op straat koppelt aan professionele hulp achter de voordeur.
De vermindering van drugsgerelateerde criminaliteit is een belangrijk punt voor de Transvaalbuurt. Essentieel voor het verbeteren van het imago en essentieel voor de objectieve veiligheid. Ook de corporaties zullen een rol spelen bij het aanpakken van de overlast door bijvoorbeeld een project waarbij overlast gevende jongeren worden ingezet als portiekbeheerders.
Verder van belang is de verbetering van het pedagogisch klimaat vooral door aanspreken en toerusten van ouders op opvoeding en verantwoordelijkheid, in combinatie met het inzetten van hulp ‘achter de voordeur’.
Economie
Het bevorderen van de arbeidsparticipatie van de bewoners en het versterken van de lokale economie zijn hier de grootste opgaven op economisch gebied voor de komende jaren.
Het blijvend bevorderen van arbeidsparticipatie vraagt om structurele ‘echte’ banen, daarvan zijn er niet genoeg in de buurt zelf. Dat hoeft ook niet, het gaat om structurele werkgelegenheid in de regio. Samen met de stadsdelen Zeeburg en Centrum heeft stadsdeel Oost-Watergraafsmeer haar ambities verwoord in een position paper met de titel Groot Oost, extra motorvermogen voor Amsterdam (2007). Het verbinden van werk en werkgevers aan de opgave om mensen structureel en volwaardig aan het werk te krijgen, is een speerpunt van de wijkaanpak. In de directe omgeving van de buurt vinden de komende jaren grootschalige ontwikkelingen plaats. Het Polderweggebied, de Wibautstraat en het Eenhoorngebied zijn volop in ontwikkeling. Hier liggen kansen voor werkgelegenheid en voorzieningen. Daarnaast is een sterke lokale buurteconomie van belang omdat het benut kan worden voor het vergroten van de ‘employability’ van buurtbewoners. De wijkaanpak zet in op een maatschappelijke coalitie met de ondernemers in de buurt, waarin mogelijkheden worden geschapen voor jongeren en oudere werklozen uit de buurt om werkervaring op te doen.
Projecten
En Nu Iets Positiefs (ENIP), jongeren knappen tafels, stoelen, fietsen, rollators en andere gebruiksvoorwerpen op om deze naar Marokko te verschepen.
Steve Biko Sport. De kinderen uit de buurt kunnen hier na schooltijd sporten en allerhande materialen lenen.
In samenwerking met de woningcorporatie Ymere werken zorginstellingen aan plannen om de voormalige Kraaipanschool te verbouwen tot een multifunctioneel centrum voor oudere buurtbewoners en bewoners met psychische beperkingen.
Muziekles
In het kader van het crossmediale VPRO-project Eeuw van de Stad (Droomstad) is een filmpje gemaakt over muziekles voor kinderen uit de Transvaalbuurt. Door middel van muziekles leren kinderen discipline te krijgen, samen te werken en hun eigen talenten ontdekken.
Geraadpleegde bronnen en leestips
- Stadsdeel Oost-Watergraafsmeer (1999) Buurtinvesteringsplan Transvaalbuurt-oost. Amsterdam: Gemeente Amsterdam.
- Stadsdeel Oost-Watergraafsmeer (2004) Stedelijk Vernieuwingsplan Transvaalbuurt. Amsterdam: Gemeente Amsterdam.
- Stadsdeel Centrum, Oost-Watergraafsmeer en Zeeburg (2007) Groot Oost, extra motorvermogen voor Amsterdam. Amsterdam: Gemeente Amsterdam.
- Stadsdeel Oost-Watergraafsmeer (2007) Wijkaanpak Amsterdam Oost: Transvaalbuurt. Amsterdam: Gemeente Amsterdam.