|
|
RPB en SCP: Grotestedenbeleid is uitgewerkt
12 okt 2006
RPB/SCP - Na twaalf jaar sterke beleidsmatige en bestuurlijke aandacht voor de grotestedenproblematiek, lijkt de magie van het grotestedenbeleid (GSB) uitgewerkt. Tot deze conclusie komt zowel het Ruimtelijk Planbureau als het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Volgens het RPB is vanwege twijfels aan de effectiviteit van het GSB definitief stoppen een serieuze optie. Het RPB acht voor de periode na 2009 twee andere opties meer het overwegen waard. Het SCP, dat de nadruk legt op de leefsituatie van de stedeling, vindt dat er in het beleid meer aandacht moet komen voor de toegenomen sociale ongelijkheid tussen de verschillende bevolkingsgroepen. Samen met het Cultureel Planbureau (CPB) zijn de planbureaus door de directie grotestedenbeleid van het Ministerie van BZK gevraagd het GSB te beschouwen en een toekomstverkenning stedelijke gebieden uit te voeren teneinde meer zicht te krijgen op de vraag of een GSB na 2009 nog zinvol is, en zo ja welke vorm dat dan zou kunnen krijgen. Het beleid werd in 1994 ingesteld om de opeenstapeling van economische en sociale problemen in de grote (G4) en middelgrote steden (G27) aan te pakken. RPB SCP Reacties De Rotterdamse wethouder D. Schrijer vindt dat het GSB moet worden beperkt tot de aandachtswijken in vooral Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht, omdat daar de grootste problemen zijn. Hij pleit voor een koerswijziging waarbij de kleinere steden afvallen. Een nieuwe aanpak, waarover Schrijer zegt zo snel mogelijk na de verkiezingen met het nieuwe kabinet te willen spreken, moet zich concentreren op een beperkt aantal wijken en een beperkt aantal problemen. Schrijer: "Het gaat om de problemen die het meest hardnekkig zijn." Hij ziet ze op het gebied van onderwijs en opvoeding, werkloosheid en armoede, veiligheid en vernieuwing van woningen. Door hierop alle energie te richten, hoopt de Rotterdamse bestuurder de kans te vergroten dat de neerwaartse trend in onder meer Rotterdam-Zuid, eindelijk wordt gekeerd. (Cobouw, 17 okt 2006) Volgens minister Nicolaï heeft het grotestedenbeleid positieve effecten gehad op de economie en leefbaarheid van steden, maar is 'een nieuwe impuls' noodzakelijk. Dat meldt de Volkskrant die schrijft over de binnenkort te verschijnen discussienota Steden van morgen, keuzes voor vandaag van het ministerie van BZK. Steden met een eenzijdige bevolkingsstructuur, een groot aandeel laagopgeleiden en weinig banen kunnen wel eens de nieuwe probleemsteden worden, zo staat in de nota. Emmen, Heerlen en Den Helder worden daarbij expliciet genoemd. Ook de zogeheten 'bloemkoolwijken' van eind jaren zeventig en begin jaren tachtig dreigen meer en meer te verloederen. (Volkskrant, 17 okt 2006) J. Kohnstamm, eerste staatssecretaris voor het GSB, begrijpt het pleidooi om nu met het GSB te stoppen niet zo goed. "Er wordt in analyses vooral gekeken naar de laatste twaalf jaar, maar om het GSB echt te kunnen beoordelen moet je verder terug kijken", zegt Kohnstamm in Binnenlands Bestuur. Een belangrijke fout in het huidige beleid is in zijn ogen geweest om te veel steden tot het beleid toe te laten. "Het is altijd mijn bedoeling geweest me te concentreren op de G4, maar de Tweede Kamer heeft erop aangedrongen dat het steeds verder zou worden uitgebreid. En dat wreekt zich nu, de G27 lopen in veel opzichten gelijk met de rest van Nederland, terwijl de grote vier daarbij achterblijven." Kohnstamm wil het liefst doorgaan met een 'stevig rijksbeleid' en een bewindspersoon die zich er met hart en ziel in wil storten. (Binnenlands Bestuur, 20 okt 2006) De G4 vinden dat de huidige formule van het grotestedenbeleid is uitgewerkt, maar constateren ook dat er alle aanleiding is voor het rijk om een G4-stedenbeleid te voeren. Tijdens de G4-conferentie werd dan ook gesproken over de toekomst van GSB en ISV. Hoewel de huidige GSB/ISV-periode nog loopt tot en met 2009 wil de G4 dat er in het nieuwe regeerakkoord al afspraken gemaakt worden over de toekomst van GSB en ISV. Tijdens de G4-conferentie stond daarom de vraag centraal naar hoe het toekomstige stedenbeleid er voor de G4 uit zou moeten zien. Het belangrijkste kritiekpunt van de G4 op GSB III is dat het onvoldoende handvaten biedt om problemen aan te pakken. De G4 brengt in aanvulling op G4@RandstadHolland.EU van de commissie Burgmans over de stedelijke vernieuwing een eigen pleitnota uit. Daarin pleit de G4 voor voortzetting van stedelijke vernieuwing als succesvolle loot van het GSB. Stedelijke vernieuwing draagt effectief bij aan het verbeteren van de concurrentiepositie van de grote steden op de regionale woningmarkten. Voor de komende tien jaar moet de stedelijke vernieuwing selectiever worden: minder steden en minder gebieden, maar anderzijds wel breder: ook de particuliere woningvoorraad en transformatie van voormalige bedrijventerreinen moeten worden aangepakt. (Gemeente Den Haag, GSB-nieuws, 23 okt 2006) Het ministerie van EZ vindt dat het RPB met een 'opmerkelijk geluid' komt. Bijna alle partijen - de drie planbureaus, het Rijk, de G27 en de G4 - zijn het erover eens dat het GSB na 2009 moet veranderen. In sociaal en fysiek opzicht zullen de aandachtswijken meer aandacht krijgen. Het is echter nog onduidelijk of en hoe het beleid op economisch gebied wordt voortgezet. Het RPB heeft zich hierover wel uitgesproken. Als het toekomstige GSB moet leiden tot extra welvaartsgroei, dan ligt het voor de hand om dit nauw aan te sluiten bij Pieken in de Delta. Pieken in de Delta vormt het overkoepelende beleidskader van het ministerie van EZ, zoals onder andere het onderdeel economie van het GSB. J. van Lidth de Jeude, burgemeester van Deventer, pleit in VNG Magazine voor het doorgaan van het GSB en een krachtige aanvullende impuls op sociaal terrein, waarbij de versterking van de positie van bewoners centraal staat. Om binding aan de samenleving te stimuleren pleit hij onder andere voor: arbeid voor iedereen, versterking van reclassering, jeugdzorg en inburgeringstrajecten, kunstonderwijs in het basisonderwijs en het versterken van de rol van bewoners in processen als herstructurering. (VNG-magazine, 24 nov 2006) De Enschedese wethouder Roelof Bleker, voorzitter van de VNG-commissie Wonen en Bouwen, over het GSB in VNG-magazine (15 dec 2006): "Die wijken draaien als een emancipatiemachine en daar moet je als overheid op inspringen. Werk de taalachterstanden weg en zorg voor voldoende kinderopvang. De overheid helpt de bewoners zo een beter leven opbouwen. Met een stapel stenen los je hier de problemen niet op. Verbeter de woningvoorraad, maar wees voorzichtig met slopen. Kijk hier vooral naar de sociale infrastructuur. Het GSB gaat niet om het aanjagen van de hele boel. Het gaat om steden die lokaal gedifferentieerde plannen maken zonder bureaucratische rompslomp, waarbij het Rijk voldoende investeringsgelden ter beschikking heeft." Meer informatie:
Meer informatie Website SCP |
Rijksbeleid Toekomstvisies stedelijke vernieuwing |
||||
|
|
||||||